Leren van levensverhalen, een verbindende kracht

Voor Halleh Ghorashi is het luisteren naar en vertellen van levensverhalen een manier om begrip te ontwikkelen voor anderen. In een samenleving waar polarisatie steeds verder toeneemt kunnen levensverhalen bruggen slaan tussen mensen. Al verschillen de levensverhalen naar inhoud, de verbinding ontstaat op emoties, zoals angst, vreugde, ontroering. Halleh Ghorashi is hoogleraar Diversiteit en spreekt uit eigen ervaring en als wetenschapper.

Al in 1959 pleitte Charles Wright Mills (2000) voor wat hij sociologische verbeeldingskracht noemde: een ‘kwaliteit van geest’ om de complexiteit en uitdagingen in het leven te begrijpen en te verklaren. Dan pas zouden mensen hun eigen ervaringen van verlies en ongemak in een bredere historische context kunnen plaatsen en breder kunnen zien dan een individueel verhaal. Mills ziet als opdracht van de sociologie “het verschil maken voor de kwaliteit van het menselijke leven in onze tijd” (Mills in Jacobsen & Tester, 2014, blz. 11). Volgens hem kan sociologie zonder verbeeldingskracht louter informatie produceren en dit tijdperk heeft al meer informatie dan het aankan. Voor sociologische verbeeldingskracht hebben we verhalen nodig die belevingen en ervaringen van mensen laten zien, om op deze manier de complexiteit van het leven te kunnen vatten en verbindingen tot stand te kunnen brengen. “De praktijk van een sociologische verbeelding vraagt om werk over verbindingen, dialogen en gesprekken, geen waarheden of monologen.” (Jacobsen & Tester, 2014, blz. 13).

De beperking van enkelvoudige verhalen

In haar fantastische TED-talk spreekt Chimamda Ngozi Adichie over “the danger of a single story” (zie  www.ted.com/talks/chimamanda_ngozi_adichie_the_danger_of_a_single_story en ook Ghorashi, 2016). Haar bijdrage gaat over het gevaar van het enkelvoudige verhaal, waarin mensen gereduceerd worden tot een categorie ofwel tot een deel van hun levensverhaal. Het enkelvoudige verhaal houdt ons allen gevangen in de eenzijdigheid waarmee we naar elkaar kijken. Deze eenzijdigheid wordt gevaarlijk als de bril waardoor we kijken gekleurd is door negatieve connotaties. Zo bestaan er enkelvoudige verhalen over verschillende groepen mensen, ook over vluchtelingen.

Het verhaal over vluchtelingen in de jaren tachtig van de vorige eeuw was dat zij onderdrukt zijn en dat de ontvangende samenlevingen hen zouden helpen: het verhaal van de zielige, hulpbehoevende vluchteling. Later kwam het beeld dat sommige vluchtelingen (bijvoorbeeld Iraniërs) het goed doen in Nederland, omdat ze hoogopgeleid zijn. Ze werden voorbeeldmigranten of -vluchtelingen: het verhaal van de hoogopgeleide, goed aangepaste vluchteling. Sinds de zogeheten ‘vluchtelingencrisis’ overheerst een ander, vooral negatief verhaal over vluchtelingen: zij zijn een potentieel gevaar voor Nederland.

Al deze enkelvoudige verhalen zijn niet per se onwaar, maar ze produceren een incompleet beeld van een hele groep. Dat beeld vormt vervolgens de lens waardoor mensen naar vluchtelingen kijken en hun gedrag beoordelen. Deze lens houdt alle individuen in de groep gevangen in dat ene beeld. Zelfs het positieve beeld kan beperkend zijn, om diverse redenen. Ten eerste omdat het beeld van perfectie voor niemand lang vol te houden is. Ten tweede omdat het de pijn, de worsteling en het gevecht van vluchtelingen niet omvat, die ook een deel van hun verhaal vormen, ongeacht hun successen. Hiermee zijn vluchtelingen of perfect of problematisch. In het enkelvoudige verhaal ontbreken de nuances en de rijkdom van pluriformiteit die elk verhaal kent.

De rijkdom van meervoudige verhalen

Ruimte voor de rijkdom van individuele verhalen biedt perspectief om ons uit de gevangenis van het enkelvoudige verhaal te bevrijden. Individuen zijn veel meer dan het eenzijdige beeld dat we aan categorieën toeschrijven. Zeker, we hebben categorieën nodig om de wereld te kunnen begrijpen. Maar wanneer deze ons gevangen houden, wordt de bril waarmee we naar de wereld kijken erg beperkt. Het delen van verhalen biedt perspectief om meer te zien dan die ene categorie of dat ene beperkte beeld. De tegenkracht van de single story is het meervoudige verhaal dat naar voren komt als we ruimte en tijd nemen om rijke en gelaagde individuele verhalen met elkaar te delen. Al verschilt de inhoud van de verhalen, de emoties (angst, vreugde, ongemak, ontroering) die we door verhalen delen, zijn bronnen van verbinding. Wanneer we in de ogen van anderen wanhoop zien of ontroerd worden door hun verhaal, voelen we verbondenheid, ongeacht hoe verschillend onze verhalen kunnen zijn. Het meest bijzonder van het delen, is dat verhalen door hun rijke variëteit vaak verrassend zijn en daardoor de enkelvoudigheid van het dominante verhaal kunnen doorbreken. Soms helpt het om een vergeten verleden weer terug te halen, soms helpt het om de rijkdom van het eigen verhaal te kunnen voelen (zie ook Ghorashi, 2015).

Voor verbindingen vanuit verhalen zijn er condities en competenties nodig om de ruimtes die vaak met afstand, afkeer of angst gevuld zijn, te veranderen in betekenisvolle ruimtes waarin onderlinge uitwisseling van ervaringen en perspectieven centraal staat.

De tussenruimte

Het opschorten van eigen oordeel
Eén van die belangrijkste condities is het creëren van tussenruimtes. Dit zijn ruimtes zonder oordeel, waardoor de nodige openheid ontstaat om verhalen vanuit hun meervoud toe te laten. Dat komt tegemoet aan wat antropoloog Hans Tennekes (1994) benoemt als de belangrijkste condities voor betekenisvol contact: openheid en nieuwsgierigheid. In een sterk gepolariseerde context hebben we in ons contact met de ander ons beeld al zodanig klaar dat de deur naar ontmoeting gesloten blijft. Als de beelden van de ander vastliggen, is er geen basis meer voor nieuwsgierigheid. En als deze vooringenomen kennis vooral negatief is, is dat eerder een reden tot afstand dan tot contact. Daarom stelt filosoof Theo de Boer (1993) dat we, om tot een betekenisvolle dialoog te kunnen komen, moeten beginnen met de tijdelijke opschorting van het eigen oordeel, een stap die hij, in navolging van filosofen voor hem, epochè noemt. Volgens De Boer (1993) is het niet mogelijk naar de ander te luisteren zonder eerst bij onze eigen overtuiging tijdelijk een vraagteken te zetten, vandaar de term epochè. Dit betekent niet dat we moeten gaan twijfelen aan eigen ideeën, maar dat we ons oordeel tijdelijk opschorten om een gemeenschappelijke ruimte te kunnen creëren, een tijdelijke tussenruimte om naar elkaar te kunnen luisteren en elkaar werkelijk te ontmoeten. de ander te kunnen. De Boer (1993) formuleert treffend dat zonder opschorting van het eigen oordeel discussie geen zin heeft.

De kracht van vertraging
Naast tijdelijke opschorting van het eigen oordeel in de tussenruimte is vertraging belangrijk zodat verhalen in hun meervoud gedeeld kunnen worden. Het vertragen beschermt ons tegen wat Eriksen (2001) ‘de tirannie van de tijd’ noemt. Een prachtig voorbeeld van zo’n vertraagde tussenruimte is de masterclass levensverhalen die ik in 2008 samen met collega Christien Brinkgreve gaf. Ons idee was om vrouwen met diverse achtergronden bij elkaar te brengen en ze met een aantal vragen uit te dagen hun eigen levensverhaal op papier te zetten. Het proces heeft twee jaar geduurd en het resultaat is in 2010 in een boekvorm gepubliceerd (Ghorashi & Brinkgreve, 2010). Wat de verhalen van de vrouwen van deze bundel zo bijzonder maakt, is dat ieder verhaal toegang biedt tot een rijkdom aan ervaringen en perspectieven.

Wat mijzelf het meeste verbaasde – met mijn verzetservaring in Iran – was dat ik mezelf zeer herkende in Kiki. We verschillen in bijna alle mogelijke opzichten van elkaar, we hebben totaal andere culturele en sociaaleconomische achtergronden en onze leeftijd verschilt ruim vijftien jaar. Ik was blij verrast. Vaak had ik het gevoel dat buitenstaanders mijn ervaringen met de Iraanse revolutie nooit in al hun intensiteit zouden kunnen begrijpen. Daar zat ik dan, tegenover Kiki, een autochtone vrouw van rond de 60. Iemand die ik wel als laatste als een lotgenoot zou beschouwen. Deze verbinding kon alleen maar tot stand komen, doordat we de kans kregen elkaars levensverhalen te leren kennen. De ruimte en de tijd die we samen genomen hadden, bracht onverwachte momenten van herkenning en verbinding tot stand.

De kunst van het luisteren

Luisteren is een belangrijke competentie om diversiteit een bron van vernieuwing te laten zijn in plaats van een conflict. Conflicten ontstaan wanneer mensen spanning voelen en niet in staat zijn hun eigen perspectief los te laten om de situatie vanuit een ander perspectief te overwegen (Sennett, 2013). Door beter te luisteren (ofwel ‘niet oordelend’ te luisteren) krijgen mensen de kans om een situatie vanuit diverse perspectieven te benaderen en dat kan juist leiden tot verbreding van de eigen horizon. Het lijkt alsof we onze ‘luisterfactor kwijt zijn’ en daardoor ‘vaak hetzelfde (herhalen) zonder verbinding te kunnen maken’. Door goed te luisteren kunnen mensen een verhalende reis maken naar elkaars werelden. Via deze reis kunnen verrassende momenten van ontroering en verbinding ontstaan die het leven kleur geven. Dat stelt niet alleen onze beperkte lens ter discussie waardoor we naar anderen kijken , het brengt ook het meervoudige en veelzijdige terug in ons eigen levensverhaal wat we door de snelheid en routine van alledag vaak vergeten. Veel verhalen zijn door de dominantie van de single stories in de verdrukking geraakt. Laten we de meervoudigheid van alle verhalen een kans te geven door beter te luisteren en tussenruimtes te creëren.

Biografie

Halleh Ghorashi is hoogleraar Diversiteit en Integratie bij de afdeling Sociologie van de Faculteit der Sociale Wetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam (VU). Ze is tevens Kroonlid van de SER en lid van KNAW en KHMW. Ze heeft de afgelopen twintig jaar onderzoek gedaan naar de verhalen van generaties vluchtelingen en migranten en hun uitdagingen in hun pad van inclusie. In november 2021 kreeg zij voor haar wetenschappelijke bijdrage (over vluchtelingen en diversiteit) aan de samenleving, de Amsterdamse Impact Award 2021.

“Ik zie grote ongelijkheid in onze samenleving. Met goed volwassenenonderwijs krijgen mensen de kans om hun leven een positieve draai te geven en meer regie over hun leven te nemen. Investering in volwassenenonderwijs is daarom nog altijd urgent.”

Referenties

De Boer, T. (1993). Tamara A., Awater en andere verhalen over subjectiviteit. Amsterdam: Boom.

Ghorashi, H. (2015). Levensverhalen doorbreken het wij-zij denken. Tijdschrift voor biografie. 4(2): blz. 51 – 58.

Ghorashi, H. (2016). Het gevaar van het enkelvoudig verhaal. On KIS website: http://www.kis.nl/blog/het-gevaar-van-het-enkelvoudig-verhaal.

Ghorashi, H. & Brinkgreve, C. (2010). Licht en Schaduw: 15 vrouwen over leven en overleven. Amsterdam: VU Uitgeverij.

Jacobsen, M. H. & Tester, K. (2014). Inleiding. In Bauman, Z. Wat is het nut van sociologie? blz. 9-14. Amsterdam: Amsterdam University Press.

Mills, C. Wright (2000). The sociological imagination. Oxford: University Press.

Sennett, R. (2013). Together: The rituals, pleasures and politics of cooperation. London: Penguin Books