Inclusief onderwijs voor volwassenen: een mondiale opdracht

Toegankelijk onderwijs voor iedereen is een belangrijke opdracht in onze huidige samenleving. De Unesco wil daar haar bijdrage aan leveren en ontwikkelt diverse initiatieven op internationaal, nationaal en lokaal niveau om ervoor te zorgen, dat een ieder kan deelnemen aan onderwijs. Kathleen Ferrier en Marieke Brugman laten als voorzitter en adviseur Onderwijs & Cultuur van de Nederlandse Unesco Commissie hun licht schijnen op de activiteiten die bijdragen aan inclusief onderwijs en onderstrepen het belang van deze opdracht in de huidige tijd.

Unesco is de organisatie van de Verenigde Naties die zich ervoor inzet om via onderwijs, cultuur, wetenschap en communicatie te werken aan wereldvrede. Het motto van Unesco is niet voor niets: ‘Since wars begin in the minds of men, it is in the minds of men that the defences of peace must be constructed.’ Alles begint in de hoofden van mensen, oorlog en dus ook vrede.

Een belangrijke voorwaarde voor een werkelijk vreedzame wereld, is dat mensen begrip en respect leren hebben voor elkaar. Met gelijke kansen voor iedereen. En dat mensen geïnteresseerd zijn in en nieuwsgierig naar anderen. We moeten met elkaar in gesprek en onze verhalen delen. Onderwijs is bij uitstek een plek om daaraan te werken. Daarom is Unesco ook de coördinerende organisatie van doel 4 van de Duurzame Ontwikkelingsdoelen ‘gelijke toegang tot kwalitatief goed onderwijs voor iedereen, een leven lang.’ Dat gaat dus in belangrijke mate over inclusie: iedereen moet de kans krijgen om goed onderwijs te volgen, ongeacht sociaaleconomische achtergrond, gender, cultuur, geloof, gezondheid, leeftijd of seksuele voorkeur.

Inclusief onderwijs

Voor Unesco betekent inclusief onderwijs ontwikkelingskansen voor iedereen. Zo is Kathleen als docent mensenrechten verbonden aan de Aziatische Universiteit voor Vrouwen in Chittagong, Bangladesh. Aan deze universiteit studeren jonge vrouwen die afkomstig zijn uit de meest achtergestelde plekken in verschillende landen in Azië en het Midden Oosten. Denk aan het verwaarloosde platteland van Afghanistan, arbeidsters in de textielindustrie in Bangladesh, meisjes uit de sloppenwijken van Mumbay, theepluksters uit Sri Lanka of meisjes afkomstig uit vluchtelingenkampen in Gaza of voor Rohingya’s. Zij hadden vrijwel geen kans op onderwijs, omdat ze op jonge leeftijd geld moesten verdienen voor het onderhoud van de familie of uitgehuwelijkt werden. Het besef dat ook zij recht hebben op onderwijs en het ontwikkelen van hun talenten, is de drijfveer achter deze universiteit. Na de opleiding worden zij de motoren achter positieve verandering in hun gemeenschappen of andere plekken. Vrouwelijke leiders, waar onze wereld zoveel behoefte aan heeft. Door dit onderwijs kan het gebeuren dat een meisje uit het vluchtelingenkamp voor Rohingya’s in Cox’s Bazar (Bangladesh) met een beurs van Oxford University migratiestudies gestudeerd heeft en nu met UNHCR (de VN organisatie voor vluchtelingen) werkt aan verbetering van de situatie van vluchtelingen wereldwijd. En dat een Nepalese studente een baan heeft als assistent van een parlementslid dat opkomt voor rechten van LGTBIQ mensen in Nepal.

Inclusief onderwijs op 3 niveaus

Niet iedereen hoeft een leider te worden. Wat wel nodig is, is dat ieder mens de kans krijgt volwaardig te participeren in de samenleving. Daarbij dient leeftijd geen rol te spelen. Evenmin of de setting van het onderwijs formeel is (op een school), non-formeel (bijvoorbeeld een cursus via de bibliotheek), of informeel (waarbij je zomaar ‘wat oppikt’, bijvoorbeeld hoe je nieuwe telefoon werkt). Unesco zet zich in Nederland in om leren voor volwassenen mogelijk te maken en dat doen we op drie niveaus: landelijk, stedelijk en op instellingsniveau. Daarnaast speelt Unesco een grote internationale rol door landen bijeen te brengen en ideeën te verzamelen.

Landelijk

Op landelijk niveau gaat het met name om beleidsadvies gericht op het (beter) kunnen deelnemen aan onderwijs voor iedereen. De lidstaten van Unesco kunnen samen afspraken maken. Een voorbeeld daarvan is een aanbeveling uit 2015, de Unesco Recommendation on Adult Learning and Education. Daarin hebben de lidstaten van Unesco uitgangspunten en doelen geformuleerd voor onderwijs aan volwassenen, plus manieren om die te bereiken. Door akkoord te gaan met zo’n aanbeveling verklaart een land zijn best te zullen doen om die doelen te bereiken. Het betekent dat Nederland akkoord is gegaan met internationale afspraken om ervoor te zorgen dat dat ook kan. En dat, als Nederland zich daar onvoldoende aan houdt, er mensen en organisaties zijn die daar iets aan willen doen. Zo heeft Unesco recentelijk – in samenwerking met onderzoekers – de Nederlandse landelijke beleidsmakers geadviseerd over het beter uitbouwen en toegankelijk maken van het onderwijs voor laagopgeleide volwassenen. Iets wat niet alleen in ontwikkelingslanden soms te weinig aandacht krijgt, maar ook in een land als Nederland. Dat advies is hier te lezen. Er wordt steeds meer van burgers gevraagd. Dat ervaren we nu in tijden van corona des te sterker. Het is immers belangrijk dat iedereen weet wat de maatregelen inhouden die de regering neemt. Het is belangrijk dat iedereen goed geïnformeerd is en op grond daarvan weloverwogen beslissingen kan nemen. Dat geldt ook als er geen corona (meer) is.

Learning cities

Ook op stedelijk niveau wil Unesco werken aan inclusief onderwijs en juist met een stedelijke concrete aanpak kansen voor onderwijs vergroten. Iedereen moet de kans krijgen om zich te ontwikkelen, in elke stad op elke leeftijd. Deelname aan onderwijs moet mogelijk zijn. Unesco is met het oog hierop het internationale netwerk van de Learning Cities gestart. In Learning Cities werken de gemeente, scholen en instellingen als bibliotheken en buurthuizen samen om alle mensen in de stad op elk moment onderwijskansen te bieden. Wereldwijd wisselen Learning Cities ervaringen uit hoe ze dat precies aanpakken. Het Koning Willem I College in Den Bosch is al jaren Unesco-school en besteedt veel aandacht aan duurzame ontwikkeling. Zo kwam de school in contact met andere organisaties in de stad en met de gemeente en daaruit ontstond het plan om zich te kandideren voor de Learning Cities.

Unesco-scholen

Het derde niveau waarop Unesco werkt is het niveau van de instellingen. Er bestaat een wereldwijd netwerk van Unesco-scholen. In Nederland bestaat dit uit een kleine 70 basisscholen, middelbare scholen, MBO’s en HBO’s. Al deze scholen proberen bij te dragen aan de missie van Unesco door aandacht te besteden aan thema’s die te maken hebben met het creëren van een betere wereld: duurzame ontwikkeling, vrede en mensenrechten, intercultureel leren en wereldburgerschap, maar zeker ook inclusief onderwijs. En omdat dat wereldwijd zo’n 11.000 scholen zijn, kun je heel snel heel veel leerlingen van alle leeftijden bij een onderwerp betrekken en internationaal laten samenwerken. Zo leren ze met elkaar contact te maken en te praten over dingen die ze delen. De Haagse Hogeschool richtte bijvoorbeeld The Student Branch op, waarin studenten zelf initiatieven kunnen nemen om inclusie te bevorderen. Zij bedachten bijvoorbeeld een netwerk voor studenten met een Caribische achtergrond.

Projecten

Ook kan Unesco losse projecten steunen. In 2017 bijvoorbeeld steunde zij een project dat The Mobile Educator heet. Daarin werkten Nederlandse leraren en Syrische vluchtelingen met een onderwijsachtergrond samen, om te onderzoeken of de Syriërs een baan in het Nederlandse onderwijs zouden willen. Zij leerden de Nederlandse situatie kennen, leerden de Nederlandse taal en de Nederlandse docenten leerden om met een andere blik naar hun eigen onderwijs te kijken.
Unesco verleende patronage aan dit project, dat wil zeggen dat het project het logo van Unesco mocht gebruiken om te laten zien dat het bijdraagt aan inclusief onderwijs en interculturele dialoog.
Door de vele contacten die Unesco heeft en de netwerken waarin zij participeert, kan Unesco inspirerende voorbeelden en ontwikkelingen zichtbaar maken, zodat iedereen hiervan kan leren. Zij kan initiatieven en organisaties bij elkaar brengen, opdat men elkaar kan bijstaan in de ontwikkelingen en deze zelfs versnellen.

Toegankelijk onderwijs voor iedereen

Als het gaat om onderwijs, wil Unesco bijdragen aan het toegankelijk maken van onderwijs, voor iedereen, waar dan ook ter wereld. Om mensen de kans te geven zich te blijven ontwikkelen, om nieuwe inzichten en ideeën op te doen, om te leren van elkaar, omdat alle visies en perspectieven gehoord mogen worden. Met als uiteindelijk doel, een vreedzame wereld met kansen voor iedereen.

Kathleen Ferrier is voorzitter van de Nederlandse Unesco Commissie. Zij is deskundige op het gebied van ontwikkelingssamenwerking, mensenrechten en diversiteit en verbonden als docent aan diverse universiteiten in Azië. Zij adviseerde de gemeente Amsterdam over de komst van een slavernijmuseum en was tien jaar lang Tweede Kamerlid voor het CDA met onder meer portefeuilles als internationale samenwerking, onderwijs, gezondheidszorg en sociale zaken.

“Since our world changes so rapidly in so many ways, we can not allow any voice or input to be missed. We need the participation of all and therefore we all have to learn, our life long.”

Marieke Brugman werkt als adviseur Onderwijs & Cultuur en plaatsvervangend Algemeen Secretaris voor de Nederlandse Unesco Commissie. Haar specialisaties zijn inclusief onderwijs, wereldburgerschap, kansengelijkheid, immaterieel erfgoed en diversiteit van cultuuruitingen.

“Een belangrijke functie van onderwijs is het leren samenleven. Dit schreef Jacques Delors in de jaren ’90 in een Unesco rapport over de toekomst van het onderwijs: onderwijs gaat over leren doen, leren weten, leren zijn en leren samenleven. Het is heel belangrijk dat we leren van en met elkaar, ons leven lang, en dat iedereen daarvoor dezelfde kansen krijgt.”