Myles Horton: Learning for social change

“Wat ik uiteindelijk besloot, na drie of vier jaar lezen en studeren en proberen dit helder te krijgen, was dat de manier om iets te doen, is te beginnen met doen en daarvan te leren. Voor het eerst begreep ik dat je niet hoeft te zoeken naar een model, je krijgt geen antwoorden uit een boek. Je kunt beter zoeken naar een proces waardoor je kunt leren, lezen en leren.”(1)

Leren van het leven

Myles Horton wordt in 1905 geboren in Tennessee, een regio waarin landonteigening aan de orde van de dag is en oppervlaktemijnbouw het landschap onherstelbaar vernielt. Hij groeit op in armoede, zoals zoveel mensen in zijn omgeving. Hij denkt daarover na en begrijpt al jong dat die armoede niet veroorzaakt wordt door zijn ouders, maar door andere, ‘niet persoonlijke’ krachten.

In zijn middelbare schooltijd verzet hij zich tegen de docenten, die in zijn ogen niets weten wat van belang is, en tegen het onderwijs, dat niets met zijn leven te maken heeft. Tegelijkertijd is hij als jeugdleider actief in de Presbyteriaanse kerk. Hij ziet de tegenstelling tussen wat mensen doen in het dagelijks leven en wat zij op zondag in de kerk belijden. Hij ziet ook het gemak waarmee vooraanstaande kerkleden zwarte mensen uitbuiten. Als hij daarover kritische vragen stelt en opmerkt dat zij hun godsdienst niet ‘leven’, merkt hij dat dit niet wordt gewaardeerd. De hypocrisie van de christelijke gemeenschap raakt hem en hij leert er veel van.

Highlander

Na zijn studie sociologie gaat hij naar Denemarken. Daar bestudeert hij de Deense Volkshogeschool Beweging. Hij raakt erdoor geïnspireerd en in 1932 start hij in Tennessee samen met Don West de Highlander Folk School.

Aanvankelijk traint Highlander vooral leiders (uit de industrie en van het platteland) gericht op het behoud en de verrijking van de inheemse culturele waarden van de bergen. Rond 1950 verschuift de aandacht naar de burgerrechtenbeweging. Het besef groeit dat economische rechtvaardigheid alleen kan bestaan als die geldt voor iedereen. Rosa Parks neemt deel aan activiteiten op Highlander, een paar maanden voordat zij in de bus in Montgomery weigert haar plaats af te staan. Martin Luther King Jr. is er als bezoeker en als docent verschillende keren actief.

Highlander ontwikkelt in de regio de zogeheten Citizenship Schools en krijgt een sleutelrol in de empowerment van zwarte mensen in het zuiden. In 1960 draagt Horton de leiding van de uiterst succesvolle programma’s over aan de Southern Christian Leadership Conference (SCLC), opgericht na de busboycot in Montgomery. Rond 1970 hebben naar schatting zo’n 100.000 zwarte mensen in de burgerschapsscholen leren lezen en schrijven.

Real life

De belangrijkste drijfveer om geletterd te worden of een actief burger te worden, ligt volgens Horton in de combinatie van twee elementaire behoeften: de behoefte om iets wezenlijks aan je leven te veranderen en de behoefte aan een rechtvaardige samenleving. In het geval van de burgerschapsscholen: “De mensen wilden leren lezen en schrijven, ze hadden het nodig om te mogen stemmen”.(1)

Educatie moet in de visie van Horton dan ook gaan over het werkelijke leven en over de dagelijkse situatie van de deelnemers. Het doel is, dat zij leren werkbare keuzes te maken en dienovereenkomstig te handelen. Volgens Horton gebeurt dat pas als zij de gelegenheid krijgen kennis van anderen en kennis uit boeken te verbinden met hun eigen ervaringen in ‘real life’.

Proces

Fundamenteel in educatie is de erkenning dat je als docent niet degene bent die de antwoorden heeft, maar “dat er veel kennis is bij de mensen met wie ik werk, in ieder geval over het probleem dat ze gemeenschappelijk hebben”.(1) Het gaat er niet om om als docent je analyses en opvattingen te plakken op de deelnemers. Bepalen wat goed voor hen is, werkt eenvormigheid in de hand en het staat verandering in de weg. Het idee is dat de mensen hun gemeenschappelijk probleem onderzoeken, dat zij zelf hun analyses maken en dat zij zelf bepalen wat de waarden zijn die zij willen nastreven. Pas als zij hun kennis hierover delen met elkaar en met jou, kun je iets toevoegen wat zinvol is. Als docent is het volgens Horton dan ook je taak dat proces te faciliteren en te leren van de mensen met wie je werkt. “Grondregel is steeds: de deskundige komt pas aan het woord als de deelnemers dat nodig vinden. De ervaringen en inzichten van de deelnemers komen eerst. De mensen leren vooral van elkaar. Zij bepalen niet alleen hoe, maar ook wat er geleerd moet worden”.(2) Op Highlander gebruikt men daarom geen vaste technieken en methoden, maar al doende en gaandeweg het proces maakt de groep daar samen met de docent keuzes in.

Learning for social change

Het werk van Myles Horton heeft vervolg gekregen in het Highlander Research and Education Center in New Market, Tennessee, dat ook nu nog bestaat.(3) Wat de deelnemers en de stafleden nog steeds verbindt, is de behoefte om zich te ontwikkelen en te werken aan een rechtvaardige en duurzame samenleving. In Nederland zijn de inzichten van Horton intensief toegepast in het vormingswerk en de volwasseneneducatie.

Lies Graafsma begon haar loopbaan als docent in het beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie. Daarnaast was ze bestuurslid en adviseur in het jongerenwerk. Ze is sindsdien vooral actief als educatief ontwikkelaar, zowel in het onderwijs als in de arbeidsmarkt. Tegenwoordig werkt zij zelfstandig onder de bedrijfsnaam LYSK.

Referenties

  1. Horton, M. & Freire, P. (1990). We Make the Road by Walking. Conversations on Education and Social Change. Pennsylvania: Temple University Press.

  2. Kools, L. (1974). Highlander: Vrijheidsbeeld in onbekend Amerika. Bergen: Visser-Ven Fonds.

  3. https://www.highlandercenter.org/.