Het EU-initiatief “Fit for 55”, gelanceerd in 2021, stelt de ambitieuze doelen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen met 55% tegen 2030 en zelf tot netto nul tegen 2050. Deze doelstellingen zijn wellicht niet haalbaar, maar toch is het goed om te kijken hoe we ook in de volwasseneneducatie een steentje kunnen bijdragen aan het leefbaar houden van onze planeet. Voor iedereen en op alle terreinen van ons leven zullen we veranderingen op gang moeten brengen, veranderingen in ons energiegebruik thuis, op het werk en bij de productie van goederen en diensten. Dit gaat niet vanzelf, dit vereist ook een omslag in ons denken en een verandering in ons handelen en nieuwe vaardigheden.
Het Europese RESCALE-project biedt kansen voor de volwasseneducatie om hier een rol in te spelen en ervoor te zorgen dat (korteropgeleide) volwassenen zich deze ‘groene vaardigheden’ ook eigen kunnen maken. De vraag is wat het onderwijs kan bijdragen.
Naar een definitie van groene vaardigheden
Er zijn verschillende benaderingen en definities van groene vaardigheden. Duidelijk is wel dat het vaardigheden zijn om duurzaamheid te vergroten. Volgens de OECD (2023) hebben groene vaardigheden betrekking op taken en activiteiten die rechtstreeks bijdragen aan milieudoelstellingen. Dat zijn niet alleen technische vaardigheden, zoals het installeren van energie-efficiënte systemen (waarbij veel technische kennis nodig is), maar ook meer algemene vaardigheden, zoals ervoor zorgen dat een bedrijf voldoet aan milieunormen. En in de thuissituatie, dat je ook duurzaam met producten omgaat. Dit vraagt om onderwijs gericht op groene competenties, die mensen helpen bijdragen aan een duurzamere wereld. Oftewel: Groene vaardigheden gaan over duurzaamheid. Dat betekent: begrijpen wat de grenzen van onze planeet zijn en zorg dragen voor mensen, dieren en het milieu. Deze vaardigheden helpen mensen om te leven volgens duurzame waarden, inzicht te krijgen in samenhangende systemen en actie te ondernemen voor een gezondere, rechtvaardigere en duurzamere toekomst.
Groene vaardigheden op school
Leren om je in te kunnen zetten voor duurzaamheid, oftewel iets voor een toekomstbestendige omgeving kunnen doen, is niet nieuw. Er zijn redelijk wat projecten op scholen waar leerlingen groene vaardigheden leren. We geven een paar voorbeelden. In een vmboklas ontwierpen leerlingen, in een reeks van vier lessen, gezamenlijk een vierkante bak voor planten die daarin gekweekt kunnen worden (Frijters, 2016). In een andere vmboklas hebben leerlingen, als onderdeel van het vak NASK (Natuur & Scheikunde), geleerd over onder andere energie, klimaat, natuurbeheer en afval en hebben zij dit ook via veldwerk, zoals het onderhoud aan het groen, in de praktijk gebracht (Frijters, 2016). Op een havo hebben leerlingen een simulatie gemaakt voor een duurzame omgeving, waarmee ze een ideale bewoning voor een onbewoonde plek konden inrichten (Frijters, 2016). Op een mbo-school hebben leerlingen na een voorlichting van een medewerker van een waterschap onderzoek gedaan naar de waterkwaliteit en een ecologisch beheersplan geschreven. Al deze projecten draaiden om het leren van groene vaardigheden. De vraag is welke vaardigheden de leerlingen precies daar voor nodig hebben, wat zijn dan die groene vaardigheden? Dat gaat in ieder geval verder dan kennis over klimaat, recycling en energie.
Indeling naar ‘groene competenties’
Om de doelstellingen op het gebied van duurzaamheid te kunnen behalen heeft de Europese Commissie een raamwerk van ‘groene vaardigheden’ (green skills) opgesteld (Europese commissie, 2022). Dat heet ‘GreenComp’ en is een Europees competentiekader voor duurzaamheid.
De ‘GreenComp’-aanpak van de Europese Commissie benoemt vier belangrijke competentiegebieden die bijdragen aan duurzaamheid.
Competentiegebied 1: Duurzaamheidswaarden belichamen
Kunnen reflecteren op en vragen naar persoonlijke waarden en wereldbeelden met betrekking tot duurzaamheid. Vaardigheden zijn onder andere rekening houden met de behoeften en kansen van huidige én toekomstige generaties en erkennen dat mensen deel uitmaken van de natuur.
Competentiegebied 2: Omgaan met complexiteit in duurzaamheid
Begrijpen van verbanden tussen duurzaamheid en sociale, economische en culturele domeinen. Benodigde vaardigheden zijn informatie uit verschillende disciplines kritisch beoordelen en duurzaamheidsproblemen definiëren in termen van complexiteit en betrokken partijen identificeren.
Competentiegebied 3: Duurzame toekomsten verbeelden
Visualiseren van en scenario’s bedenken voor de toekomst. Vaardigheden zijn onder andere creatieve, alternatieve scenario’s bedenken en ontwikkelen, beslissingen en actie (onder)nemen en accepteren dat uitkomsten onzeker of risicovol kunnen zijn.
Competentiegebied 4: Handelen voor duurzaamheid
Stimuleren van individueel en collectief handelen voor een duurzamere samenleving. Vaardigheden zijn onder andere samen met anderen in de lokale omgeving problemen aanpakken, een ondernemende houding aannemen en nagaan wat men zelf kan doen om bij te dragen aan een duurzame samenleving.
In feite gaat het hier om algemene, brede vaardigheden die worden ingevuld en geleerd vanuit een ‘groen en duurzaam’ perspectief. Groene inhouden worden geïntegreerd met vaardigheden en dit kan plaatsvinden in formele opleidingen, in leertrajecten op de werkvloer en in andere formele en minder formele leertrajecten.
Groene vaardigheden in de volwasseneneducatie
Zowel in het voortgezet onderwijs als in het beroepsonderwijs lijken de eerste stappen gezet om leerlingen en studenten groene vaardigheden te leren. Bij volwassenen gebeurt dat nog vrij weinig tot niet. Er zijn wel mooie projecten, zoals in Arnhem waar het ‘Team Radicaal Vergroenen’ samen met bewonersgroepen een ‘wijkgroenagenda’ probeert samen te stellen en via wijkprojecten wijken probeert te ‘vergroenen’ (Vos de Wael, 2025). Maar er is nog geen sprake van leertrajecten op dit gebied. Het eerste leermateriaal is er al wel. Zo biedt Oefenen.nl een programma aan onder de titel ‘Groen Doen’, een praktisch programma over duurzaamheid in de eigen woning en woonomgeving (2025, Oefenen.nl). Hier worden mensen uitgedaagd om na te denken over hun eigen waterverbruik, hun afval, energiegebruik, frisse lucht en dergelijke onder het motto ‘gezond, goedkoop en goed voor het milieu’.
Maar een echte structurele aanpak om volwassenen groene vaardigheden aan te leren, zowel op het werk als in de privésituatie, lijkt te ontbreken. Het RESCALE-project wil daar verandering in brengen.
Groene vaardigheden in het Europese RESCALE project
Het RESCALE-project is in het leven geroepen om korteropgeleide volwassenen en volwassenen met een achterstand op de arbeidsmarkt de mogelijkheid te bieden om zich verder te ontwikkelen en een betere positie te verwerven in de samenleving.
Het idee is dat er – vanuit een vraag van bijvoorbeeld een werkgever of een UWV samenwerking wordt gezocht met andere belanghebbende partners om een leeraanbod te ontwikkelen. In een samenwerkingsverband van zeven landen (België, Finland, Hongarije, Italië, Kroatië, Litouwen, Nederland) en met steun van de Europese Unie is in maart 2025 een project gestart waarin ‘Reskilling Labs’ worden gerealiseerd. Deze ‘Reskilling Labs’ bestaan uit een samenwerking tussen publieke en private onderwijsinstellingen en werkgevers, UWV ’s of brancheorganisaties en zorgen voor het realiseren van beroepsopleidingen en andere vormen van leertrajecten.
De landen zijn vrij om de inhoud van de leertrajecten te bepalen, maar in de uitwerking zien we een groeiende aandacht voor groene vaardigheden. In Kroatië wordt bijvoorbeeld door een onderwijsaanbieder in samenwerking met een werkgever een leertraject gerealiseerd voor boekhouders waarin groene en basisvaardigheden centraal staan. In Italië richten ze zich op een andere doelgroep en maken onderwijsaanbieders samen met instellingen die vluchtelingen begeleiden gecombineerde programma’s om basisvaardigheden en groene vaardigheden aan te leren en tegelijkertijd een betere plek op de arbeidsmarkt te krijgen. De samenwerking tussen centra van volwasseneneducatie en werkgevers in onder andere de techniek staat in België centraal. Hier leren werknemers taal- en groene vaardigheden naast het eigen maken van een technisch beroep. In Nederland daarentegen wordt samengewerkt met enerzijds ROC’s die samen met sociaal ontwikkelbedrijven leertrajecten opzetten waar werknemers basisvaardigheden en groene vaardigheden kunnen leren, maar wordt ook met werknemers van kringloopcentra een leeromgeving gerealiseerd waarin werknemers hun werknemersvaardigheden naast groene en basisvaardigheden kunnen optimaliseren.
Een noodzakelijkheid en een kans
Het is duidelijk dat we voor onze huidige en toekomstige generatie moeten zorgen dat onze planeet en onze directe leefomgeving, ook leefbaar blijft. Meer aandacht voor groene vaardigheden, ook in het onderwijs, is niet alleen noodzakelijk, maar ook een kans. In onderwijstrajecten in het voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs probeert men daar al aandacht aan te besteden. In de volwasseneneducatie is dit minder het geval.
Volgens het CBS (2025) is 13.7% van de lageropgeleiden werkloos wat tevens de grootste groep is (CBS,2025). Dit is de doelgroep van de volwasseneneducatie. Maar in de volwasseneneducatie draait het nog te vaak alleen om taal leren, met wat rekenvaardigheden en digitale vaardigheden erbij. Maar dit is vaak niet genoeg om volwassenen ook daadwerkelijk een betere positie op de arbeidsmarkt te geven. Deze vaardigheden zijn noodzakelijk, maar met een integraal aanbod van deze vaardigheden met meer algemene werknemersvaardigheden en ook groene vaardigheden, bied je niet alleen de volwassenen meer kansen, maar lever je ook een wezenlijke bijdrage aan veranderingen die onontkoombaar zijn.
Hopelijk zien de onderwijsinstellingen samen met werkgevers, sociaal ontwikkelbedrijven, brancheorganisaties en gemeenten kansen om ook de volwassenen de mogelijkheid te bieden te leren hoe ze structureel een bijdrage kunnen leveren aan een duurzame samenleving. Dat is immers voor onze toekomst en die van toekomstige generaties van levensbelang.
© volwassenenleren.nl (2025)
Mieke de Haan studeerde sociale pedagogiek aan de Universiteit Utrecht en de opleiding Master of Learning and Development bij TIAS, de business school van Tilburg University. Ze werkte als docent in het basis- en beroepsonderwijs, in managementfuncties in het VO en het ROC, als zelfstandig adviseur en de laatste 15 jaar als adviseur in dienst van de MBO Raad. Daar had zij educatie en inburgering in haar portefeuille, maar ook was ze nauw betrokken bij de ontwikkeling van de Entree opleiding. Op dit moment is zij als onbezoldigd medewerker van de VUB betrokken bij de UNESCO Leerstoel Volwasseneneducatie.
“Ik leer nog elke dag, heb er vele mogelijkheden voor en ik geniet daarvan. Maar ik realiseer me maar al te goed dat dat een bevoorrechte positie is. Niet voor iedereen zijn er die mogelijkheden en niet iedereen kan zeggen dat ‘ie ervan geniet’. Ik wil me er dan ook voor blijven inzetten om ervoor te zorgen dat dat voor steeds meer mensen wel mogelijk wordt.”
Mien Segers is hoogleraar Corporate Learning aan de Universiteit Maastricht, School of Business and Economics. Ze verricht in nauwe samenwerking met organisaties onderzoek naar hoe leerprocessen van volwassenen optimaal kunnen worden ondersteund.
“Leven lang leren is een tautologie. Leven in een maatschappij die in een snel tempo verandert, prikkelt elk van ons om de uitdagingen waar we voor staan op te pakken en er mee om te gaan. Dus: leven betekent elke dag leren.”
Maurice de Greef is leerstoelhouder van de UNESCO leerstoel Volwasseneducatie aan de Vrije Universiteit Brussel en hoofdonderzoeker van Artéduc. Momenteel is hij landelijk en in Europa vooral bekend door zijn succesvolle impactonderzoek van volwasseneneducatie. Hij is verantwoordelijk voor het eerste onderzoeksmodel betreffende de impact en succesfactoren voor scholing van laag- en middelbaaropgeleiden. Hierin heeft hij veel onderzoek gedaan naar de impact op de sociale inclusie en arbeidsmarktpositie van deze deelnemers mede in samenwerking met het sociale domein en de ervaringsdeskundigen zelf, waarin deelnemers betrokken waren.
“Er moet altijd een kans zijn om nieuwe dingen te leren voor je werk of voor je leven hoe oud je ook bent.”
Referenties
CBS. (2025). Werkloosheid naar onderwijsniveau.Retrived: 14-11-2025. < https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/dashboard-arbeidsmarkt/werklozen/werkloosheid-naar-onderwijsniveau#:~:text=Werkloosheid%20steeg%20bij%20meeste%20onderwijsniveaus,(0%2C6%20procentpunt).>.
Europese Commissie. (2022). GreenComp: Het Europese competentiekader voor duurzaamheid. Luxemburg: Europese Unie.
Frijters, S. (2016). Leren voor Duurzame Ontwikkeling met mijn leerlingen; goed te doen! Handleiding voor het ontwerpne van Lern voor Duurzame Ontwikkeling. Den Haag: NRO.
OECD. (2023). Doing Green Things: Skills, Reallocation, And The Green Transition. Economics Department Working Papers, No. 1763. Paris: OECD.
Oefenen.nl (2025). Groen Doen. Retrieved: 07-11-2025. < https://overoefenen.nl/programmas/groen-doen
Vos de Wael, L. (2025). Een groene karavaan trekt door de stad. Retrieved: 07-11-2025. < https://epale.ec.europa.eu/nl/blog/een-groene-karavaan-trekt-door-de-stad>.