Ivan Illich: Ontscholing

“School is the advertising agency which makes you believe that you need the society as it is.”

Ivan Illich (1926) publiceerde in 1970 Ontscholing van de maatschappij. Hierin pleitte hij voor het afschaffen van schoolse vormen van leren en het organiseren van open leernetwerken, buiten de school. Zijn kritiek op het instituut school past binnen een bredere benadering waarin hij de macht van instituties en onze afhankelijkheid ervan aankaart. “Experts, verbonden aan deze instituties, laten ons geloven dat we niet meer zonder hen kunnen en bepalen wie toegang krijgt tot hun expertise en beroepsgroep (via opleiding of erkenning). Zo controleren zij de kennisproductie en houden zij de behoefte aan deze experts in stand.”

De school is volgens Illich een “aan leerkrachten gebonden proces, waarbij de leerling gedurende de gehele tijd, aan een verplicht leerprogramma moet deelnemen.” Het gevolg is dat we zijn gaan geloven dat leren enkel het resultaat is van lesgeven door een professionele leerkracht, dat de toekomst van jonge mensen afhankelijk is van de school. Hij pleit voor het ontscholen van de maatschappij.

Ivan Illich pleit voor een alternatief systeem dat iedereen die wil leren daarvoor de gelegenheid geeft en dat iedereen die wat weet en dat wil kan matchen met anderen die van hen willen leren. Een open, educatief netwerk voor (potentiële) leerders. Dit educatieve netwerk omvat de volgende componenten:

  • Informatiediensten voor onderwijsobjecten die leerders vrije toegang geven tot allerhande objecten die het leren vergemakkelijken. Denk bijvoorbeeld aan het werken met een machine in de garage (of die uit elkaar mogen halen), aan een computer, tentoonstellingen in musea of een botanische tuin. Illich pleit naast vrije toegang ook voor een bredere kijk op wat een leermiddel is.
  • Vaardigheidscentra met vaardigheidsleraren. Leraren technische vaardigheden, maar bijvoorbeeld ook taalvaardigheden. Deze hoeven geen pedagoog te zijn of een diploma te bezitten. Tevredenheid (van leerders) is hier een belangrijker criterium dan diploma.
  • Een communicatienetwerk om vaardigheidsleraren te matchen met potentiële leerders.
  • Informatiediensten en vakmensen in het algemeen, beroepsleerkrachten die ervoor zorgen dat in de eerste drie componenten wordt voorzien en deze actief ondersteunen.

Leren van volwassenen: scholing en onderwijs-wijsheid

Meer dan 45 jaar later kunnen we constateren dat ‘deschooling’ niet heeft doorgezet. Jongeren zijn langer leerplichtig en in steeds meer branches zijn professionals gedwongen studiepunten te halen bij erkende opleidingen om hun officiële status als professional te behouden.

Maar daarnaast zie ik dat de scheidslijn tussen formeel en non-formeel onderwijs minder strak wordt. Het idee van educatieve netwerken zie ik terug in de aanpak van Taal voor het Leven. (1) In deze projecten zijn lokale educatienetwerken gevormd om laaggeletterden te bereiken en op te leiden. De ideeën van Illich bieden voor hen een mooi alternatief. Naast de afstemming van het formele en non-formele leren worden ook nieuwe onderwijsmogelijkheden gecreëerd. Breder dan de (traditionele) focus op basisvaardigheden, worden nieuwe partnerships gevormd over traditionele institutionele grenzen heen. Een mooi voorbeeld is hoe actoren en organisaties op de terreinen van laaggeletterdheid en armoede & schulden, zich verbinden om volwassenen vraaggericht en integraal te ondersteunen door zowel schuldhulpmaatjes als geschoolde taalvrijwilligers. Dit past ook binnen de huidige trend van deprofessionalisering (vrijwilligerswerk) in het maatschappelijk domein (de participatiesamenleving). Meer dan diploma’s is hier juist onderwijs-wijsheid nodig, vanuit het inzicht dat we overal leren, dat leren veelzijdig is en passend begeleid moet kunnen worden.

Tegelijk wil ik ervoor waarschuwen dat de inzet van vrijwilligers en non-professionals niet als legitimering fungeert voor een (structureel) tekort aan middelen. In dat geval is het leerrecht van volwassenen, en zeker van deze kwetsbare doelgroep, in het geding.

Wim Matthijsse werkte als onderwijsadviseur voor diverse organisaties, onder andere Cinop, ROC Midden Nederland, Deltion College en Steunpunt Basisvaardigheden. Op dit moment is hij werkzaam voor Stichting Lezen & Schrijven. Hij heeft lesgegeven als vrijwilliger binnen de alfabetisering en de basiseducatie.

Noten

(1) https://www.taalvoorhetleven.nl/over-taal-voor-het-leven/het-programma

Referentie

Illich, I. (1972). Ontscholing van de maatschappij. Baarn: Het Wereldvenster. Oorspronkelijke titel: Deschooling Society, 1970.